Tomaten hebben tijd nodig. We beginnen daarom binnen met voorzaaien in de vensterbank. De timing van tomatenzaad
zaaien hangt af van waar de tomatenplant uiteindelijk komt te staan:
Zodra de eerste blaadjes verschijnen, mag het folie eraf. Verplaats de jonge tomatenplantjes
naar een zo licht mogelijke, koelere plek (16°C). Dit voorkomt dat ze "ijl" (lang en dun) worden.
Verspenen:
Zodra de jonge tomatenplantjes elkaar verdringen, verhuis je ze naar potten van minimaal 12 cm, met drainage gaten.
Verzorging:Laat de grond van de jonge, opgepotte tomatenplanten tussen de gietbeurten door goed opdrogen en geef bij elke beurtplantenvoedingmee met het water.
Ondersteuning:Gebruik als de tomatenplanten 15 cm hoog zijn eenbamboestoken eenclipvoor ondersteuning.
Afharden:Laat de planten een week lang overdag buiten wennen aan de temperatuur voordat je ze definitief uitplant.
Tomatenplanten zijn "grootverbruikers" qua voeding. Kies bij voorkeur voor organische plantenvoeding
in plaats van kunstmest. Dit is beter voor de natuur en zorgt voor veel meer smaak aan de vruchten.
Basisbemesting:Gecomposteerde mestkorrels
zijn een goede basisbemesting voor groenteplanten
zoals tomatenplanten, komkommerplanten, aubergineplanten, paprikaplanten en courgetteplanten.
Toepassing: Bij het planten graaf ik ruime plantgaten. Per plantgat voeg ik 300 gram gecomposteerde mestkorrels
toe (ongeveer 6 handjes)en 100 gram Vivikali
(ongeveer 2 handjes). Daarna plant ik de jonge tomatenplanten bovenop de organische mest in de plantgaten. De voeding komt in de loop van het seizoen geleidelijk vrij voor de tomatenplanten.
Deze basisbemesting is voldoende voor een gezond groeiseizoen en heerlijke vruchten. 😋
Tomaten houden van zon, warmte en het liefst droge bladeren. Houd hier rekening mee bij het kiezen van een plek voor je tomatenplanten.
In de kas:Ideaal vanwege de warmte en droogte, maar zorg voor goede ventilatie. Bij extreme hitte kun je de kas "wit krijten" om zonnebrand en te hoge temperaturen te voorkomen.
Buiten:Kies de zonnigste, warmste plek uit de wind. het liefst onder een afdakje.
Afstand:
Houd 50 cm afstand tussen de tomatenplanten. Geef na het planten direct ruim water zodat de grond goed om de wortels sluit.
Mijn tip:Plant ze diep! Tomatenplanten hebben een unieke eigenschap: ze kunnen wortels aanmaken langs de gehele stengel. Wanneer je de plant in het plantgat zet, mag je hem gerust tot aan de eerste echte blaadjes in de grond zetten. De plant zal op het begraven deel extra wortels aanmaken.
Tijdstip:
Geef 's ochtends water, zodat de plant de hele dag vocht heeft om te koelen.
Dosering:Geef net geplanteJonge tomatenplantengoed water om aan te slaan. Bouw dit na twee weken af. In de praktijk heeft een tomatenplant vaker last van te véél water dan van te weinig. Door de watergift te beperken, Krijg je zoetere tomaten.
Let op:
planten in potten hebben wel dagelijks water nodig.
Mijn tip:Tomatenplanten die door slechte grondstructuur slechte wortels hebben of als een tomatenras er gevoelig voor is, kunnenneusrotontwikkelen. Vaak komt dit door problemen met de calcium opnamen. Een beetjezeewierkalkin het plantgat strooien vóór het planten kan helpen dit te voorkomen of verminderen.
Als je niets doet, kruipt een tomatenplant over de grond. Dit zorgt voor een onoverzichtelijke wirwar aan bladeren, kleine vruchten en een veel grotere kans op schimmels zoals Phytophthora.
Waarom opbinden?Het bespaart enorm veel ruimte, de bladeren drogen sneller na regen en de kop van de plant vangt maximaal zonlicht. Dit resulteert in een hogere opbrengst en zoetere tomaten.
Om je tomatenplanten gezond en productief te houden, kun je kiezen uit drie beproefde opbindmethodes:
Langs een stok:
De meest gekozen methode voor de hobbytuin. Gebruik stevige bamboe- of wilgenstokken van 2 tot 2,5 meter. Steek ze diep in de grond en bind de hoofdstengel telkens onder een nieuwe tros vast met juten touw of een handige tomatenclip.
Langs een touw:
Ideaal als je veel planten (meer dan 20) hebt of in een kas kweekt. Span een stevig ijzerdraad op 2 meter hoogte en hang per plant een touw naar beneden. In plaats van te knopen, draai je de kop van de plant wekelijks simpelweg om het touw heen (indraaien). Dit werkt veel sneller dan binden.
Hogedraadsysteem:
Dit is de professionele methode voor een extra lang seizoen. Met speciale haken en extra touw kun je de planten laten 'zakken' en opschuiven als ze de bovenkant bereiken. Hierdoor kan een plant wel 10 tot 13 meter lang worden!
“Dieven" is na tomaten opbinden, misschien wel het belangrijkste klusje tijdens het groeiseizoen. Een dief is een zijscheut die groeit in de
oksel van de plant (het punt waar een blad aan de hoofdstengel zit). Als je deze scheuten niet verwijdert, verandert je plant in een ondoordringbaar oerwoud van blad.
Waarom moet je dieven?
Energie naar de vrucht:De plant steekt zijn energie in het maken van tomaten in plaats van extra bladeren en stengels.
Grotere tomaten:
Zonder dieven krijg je veel kleine tomaatjes; door te dieven krijg je mooie, grote vruchten.
Minder ziekten:
Een gediefde plant is opener, waardoor de wind het blad na regen sneller droog blaast. Dit verkleint de kans op tomaten ziekten
aanzienlijk.
Controleer je tomatenplanten wekelijks. Doe dit bij voorkeur op een zonnige dag in de ochtend; de scheuten zijn dan nog bros en breken gemakkelijk af. Pak de dief tussen je duim en wijsvinger en buig hem opzij tot hij afbreekt. Hoe kleiner de dief, hoe kleiner de wond en hoe sneller de plant herstelt.
Belangrijke uitzondering!
Alleen stamtomaten hoeven gediefd te worden. Struiktomaten
moet juist niet gediefd worden. Let goed op welk ras je hebt:
Stamtomaten:
Deze groeien langs een stok of touw en moeten gediefd worden tot één hoofdstengel.
Mijn tip:
Bij zeer sterke planten kun je eventueel één dief laten staan om met een "dubbele kop" te kweken).
Struiktomaten en dwergtomaten:
Deze hoef je niet te dieven. Zij stoppen vanzelf met groeien en hebben al die zijscheuten juist nodig om nieuwe vruchten te maken.
Gebeurt dit niet dan blijven de tomaten klein. Dit worden "knopen" genoemd.
Buiten: gebeurt dit door de wind en insecten en hoef je niets te doen.
In de kas: Omdat er in een kas de wind ontbreekt, moet je hier een handje helpen. Tik twee keer per week rond het middaguur zachtjes tegen de bloemtrossen om het stuifmeel te laten vallen.
Trossnoei:
Bij vleestomaten
is het slim om de trossen te snoeien tot 3 of 4 vruchten. Zo krijgt de plant de kracht om echt grote, mooie vleestomaten te maken.
Blad snoeien (bladplukken):
Door het blad rond een beginnend kleurende tros te verwijderen kan de zon direct op de tomaten schijnen, waardoor ze sneller rood (en zoeter!) worden. Zorg dat de plant minimaal 8 volwassenbladeren overhoud. De bladeren zijn de suikerfabriekjes van de plant.
Het moment van de waarheid! De eerst oogst van je tomatenplanten! Hier heb je maanden naar toe gewerkt. 😃
Tomaten pluktechniek:
Pak de tomaat vast. Zoek de verdikking (het "builtje") op het steeltje van de tomaat (Het kroontje). Druk hier met je wijsvinger op en draai de tomaat omhoog. Hij breekt dan perfect af bij het knikpunt, met het groene kroontje er nog aan.
Mijn tip:
Bewaar vers geplukte tomaten nooit in de koelkast. De kou stopt het rijpingsproces en tast de celstructuur aan, waardoor de tomaat waterig wordt en zijn aroma verliest. Bewaar ze op een mooie schaal op het aanrecht; daar blijven de geur en smaak het best behouden.
Aan alles komt een einde. Ook aan de teelt van tomaten, helaas. 😢
Koppen:Haal de top (de groeipunt) uit de plant. Hierdoor stopt de plant met het maken van nieuwe trossen die toch niet meer rijp worden. Alle energie gaat nu naar het afrijpen van de laatste tomaten voordat het koude, natte najaar begint.